Kelly van Assen

Student, christen & mens

Auteur: Kelly van Assen (Pagina 1 van 2)

Naar de dagbehandeling #kellywordtbeter

Een korte update uit #kellywordtbeter land, vrij kort op de vorige dit keer, maar ja als er nieuws is, deel ik dat graag met jullie. De meesten van jullie die mij een beetje kennen, zullen weten dat ik nogal een vechter ben, dat ik vecht tegen ongeveer alles. Meestal ging dat goed, maar soms sla ik er een beetje in door. Dan gebruik ik energie, die ik niet heb, om te vechten tegen mijn problemen. Sinds ik terug ben van de crisisafdeling merk ik dat ik teveel van die niet aanwezige energie heb gebruikt, waardoor het met mij eerder slechter dan beter ging. Daarnaast heb ik heel veel tijd voor mezelf nodig om op te laden zodat ik de prikkels van de behandeling kan verwerken. Ik kwam erachter dat de weekenden thuis niet genoeg waren om op te laden en dat ik echt meer rust nodig heb. Daarom is besloten dat ik vanaf nu dagbehandeling ga volgen. Alleen overdag ben ik in de kliniek en volg ik mijn behandeling, zodat ik ’s avonds en ’s nachts thuis kan opladen voor de volgende dag. Dit heb ik nu twee dagen gedaan en het gaat goed, ik merk hoe moe ik ’s avonds ben, maar ik merk ook dat de rust mij goed doet waardoor het minder vaak fout gaat op de groep.

PS: Soms (lees: bijna altijd) heb ik er nogal een hekel aan als ik het rustiger aan moet doen. Gelukkig is daar dan mijn schrijvende brein die me helpt bij het verwerken van de boodschap en gelukkig voor jullie deel ik mijn rijmpjes ook gewoon.

Ik wil vechten tot ik win, tegen de stroming in.

Ik wil gaan met die banaan, met beide benen op de grond gaan staan.

Maar ik weet het heeft geen zin, de stroming is veel sterker.

Hoe hard ik ook zal werken, ik weet dat ik niet win.

Dus ik laat de stroming gaan en ik ga lekker mee.

Ik laat me meevoeren door de drukte van de zee.

En ik weet dat het lastig is, en ik weet ook dat dat mag.

Ik wacht gewoon rustig op de dag dat ik weer lach.

Ik kom vanzelf weer op de kant, zodat ik kan beginnen in mijn beloofde land.

Weer terug in Zwolle! #Kellywordtbeter

Na weer twee weekjes op de crisisafdeling in Almelo geweest te zijn, ben ik afgelopen maandag teruggekomen in de kliniek in Zwolle. Soms is het even beter om op de crisis te zijn, maar hoewel het helemaal geen slechte plek is zou ik er niet voor mijn lol heen gaan. Erg veel ga ik niet over die opname uitweiden omdat het belangrijkste is dat het weer goed genoeg gaat om op de open afdeling te zijn. Gelijk door dus naar het heuglijke moment van donderdag 16 maart 2017, ontslagdag!

Tijdens mijn potje Rummikub (om de inhoud van mijn hersenpan fit te houden) kwamen mijn vader en even later moeder en zelfs hond binnen voor het ontslaggesprek, iedereen moest getuigen zijn van dit moment. Na het gesprek en de autorit van ruim een uur, kwam ik moe, maar voldaan in het mooie Nunspetië aan.

Vrijdag had ik een gesprek in Zwolle, over hoe we de opname zouden voortzetten. De conclusie uit dit gesprek was dat ik het iets rustiger aan zou doen, minder therapieën en mezelf meer tijd gunnen (wat best lastig is als je Kelly heet). Deze conclusie was niet de enige, toen ik met mijn moeder weer naar buiten liep concludeerden we een lekke band. Na een interessante ontmoeting met Gerrit
van de wegenwacht konden we weer naar huis (via de Macdrive natuurlijk)

 

Na een paar heerlijke dagen thuis, ben ik er sinds maandag weer vol voor gegaan (op een andere manier, dat wel). Met een strakke planning vol rustmomenten, waar streng op gelet wordt door de sociotherapeuten, vergeet ik niet goed op mezelf te passen in mijn strijd tegen de struggles in mijn hoofd.

Kortom; na een twee weekjes in de crisis is mijn situatie weer gestabiliseerd en kan ik er weer tegen met een andere aanpak. Tot slot zal ik de wijze woorden van opa met jullie delen: komt goed!

knuffels, high fives, boxen, dabs en alle andere non-verbale gedragingen waardoor we ons verbonden voelen,

Kelly

Een paar zware dagen #kellywordtbeter

Deze tweede update is helaas wat minder positief dan de vorige. Bij mijn vorige stukje gaf ik al aan dat ik het af en toe moeilijk had, afgelopen week was het dan ook even teveel. Ik wilde ontzettend graag beter worden, dit zorgde ervoor dat ik vol ging voor mijn behandeling. Bij elke therapie was ik op tijd aanwezig, ik had goed contact met groepsgenoten en ik at goed. Dit was voor mij enorm veel inspanning, maar ik wou het volhouden omdat ik zo ontzettend graag beter wou worden.

Dat ‘enorm veel inspanning’ zou je ook kunnen zien als ‘te veel inspanning’ al zou ik dat zelf niet snel toegeven. Al die inspanning maakte het in mijn hoofd zo “vol” en “druk” dat ik mezelf niet goed meer in de hand had. Om te voorkomen dat er dingen zouden gebeuren die niemand wil, heb ik van maandag- op dinsdagnacht op een (nog harder) matras op de grond in een lege kamer geslapen. Op dinsdag heb ik ingestemd met een vrijwillige opname achter slot en grendel.

Dat instemmen zorgde ervoor dat ik dinsdag de reis van Zwolle naar Leeuwarden heb gemaakt om daar een nacht door te brengen in de crisisopname. Deze nacht was om de tijd te overbruggen tot er een plek vrij was op de gesloten afdeling van Karakter. Nadat ik mijn nacht in het Friese land erop had zitten heb ik met mijn ouders een reis van ruim 2 uur naar Almelo gemaakt.

Sinds gister zit ik in Almelo, met mijn vader bij me. Morgen gaat papa naar huis, of ik mee ga is de vraag, ik hoop het, maar verwacht het nog niet. Ondanks dat ik al aardig tot rust ben gekomen is de kans op terugval groter als ik nu al terugga. Mijn tweede hoop is om maandag terug naar de open afdeling in Zwolle te gaan. We zullen zien of dat lukt, anders bedenken we gewoon een nieuw doel, makkelijk zat.

Zo, nu jullie weer een beetje op de hoogte zijn van alles in gekkoland, wil ik jullie allemaal weer bedanken voor alle meeleefpraktijken en mijn excuses aanbieden voor alle onbeantwoorde appjes, ik had het even te druk met mezelf.  Voor nu adios en tot schrijvens!

 

#kellywordtbeter update 1

Mijn derde week in mijn witte kamer met oerlelijke groene vloer en een brandveilig matras begint vandaag. Omdat ik heel veel en hele lieve appjes krijg met de vraag hoe het gaat heb ik besloten dat even in een ‘#kellywordtbeter update’ te beschrijven.

Om eerlijk te zijn valt het me vrij zwaar hier, het is harder werken dan ik dacht en dat in de eerste twee weken al. Al een aantal keer heb ik, in een boze bui, geroepen dat ik er mee zou stoppen, maar dat doen we niet want we houden de familienaam in ere. Nee gekkigheid, want als ik terugkijk op de afgelopen twee weken heb ik al zo veel geleerd. Alleen al als je kijkt naar ’s morgens uit bed komen, normaal eten, iets leuks doen met mensen van mijn leeftijd en ga zo maar door. Hoewel ik dat soms niet wil zien, zit ik hier volgens mij op de goede plek en ja het is hard werken en nee dat ben ik niet meer gewend, maar ik weet dat ik het kan omdat ik het al vaak genoeg heb gedaan.

Nu weten jullie een beetje hoe het met mij gaat, maar veel van jullie vragen zich ook af hoe het er hier aan toe gaat. Als eerste is het belangrijk om te vertellen dat de sociotherapeuten (begeleiders op de groep) niet in witte pakjes lopen, dat ik geen “ziekenhuisvoer” uit de magnetron krijg en dat ik gewoon een eigen kamer heb, met een slot op de deur. Officieel mag ik alles doen wat ik wil (behalve alcohol drinken, drugs gebruiken en alles wat volgens de wet verboden is) ik ben dus volledig vrij in wat ik doe, maar het doel is dat ik samen met de sociotherapeuten kijk naar of het ook handig is wat ik doe. Het heeft voor mij bijvoorbeeld geen zin om me de hele dag op mijn kamer op te sluiten, dat kan ik thuis ook wel en heeft niet geholpen. Samen kijken we dan naar wat wel handig is om te doen, bijvoorbeeld een spelletje doen of naar buiten gaan, dat klinkt heel nutteloos, maar het waren twee van de vele dingen die ik niet meer deed. Zo zet ik met heel veel hulp hele kleine stapjes, die uiteindelijk ervoor gaan zorgen dat ik de eindstreep haal.

Behalve je dagprogramma heb je ook een aantal therapieën.                                        CTB: creatieve therapie, hierbij werk ik aan een beeld, het is een hele fijne manier om over dingen te praten terwijl je bezig bent met je project.

SVT: sociale vaardigheidstraining, hier wordt mijn sociale ongemakkelijkheid aangepakt en leer ik reageren op bepaalde situaties.

PE: psycho-educatie, hier leer ik alles over autisme en hoe ik er mee om kan gaan. Klinkt suf, is het ook.

PMT: psychomotorische therapie, hier werk je aan jezelf doormiddel van sport, je speelt bijvoorbeeld een potje voetbal en kijkt hoe je met verliezen omgaat of je gaat kickboksen om met agressie om te gaan.

CGT: cognitieve gedrag therapie, de manier waarop je over dingen denkt kan soms nogal tegen je werken, hier leer je dan om je gedachten positief of reëel te houden.

Oké dat was het saaie deel, beloofd. Nu jullie weten hoe het met mij gaat en wat ik hier zo’n beetje uitspook behalve de boel op stelten zetten, zoals ik dat zo mooi kan. Rest mij alleen nog om jullie allemaal te bedanken voor de massa’s kaartjes, appjes, gedachtes, en medelevens. Jullie zijn stuk voor stuk helden. Nog één ding  en dan zijn jullie echt van me af. Om de dag van mijn klasgenoten goed te maken; behalve dat ik jullie uitlach om jullie sportdag van vandaag, heb ik morgen een gesprek op school om te kijken of ik jullie af en toe nog even kan komen irriteren.

PS: oké nog één ding; de documantaire-reeks “Het is hier autistisch” is echt geweldig.

PPS: Oké dit is echt het laatste; de blog van semi-klasgenoot Dyantha maakte mij vandaag heel blij, dus als je nog tijd over hebt na mijn gezeur:

De griesmeelpap van Henk

Mijn echte 2016

Ik zag een bericht van facebook, waarin er een filmpje van mijn 2016 was gemaakt. Omdat ik benieuwd was, startte ik het filmpje en het enige wat ik zag waren foto’s waar ik de grootste lach ter wereld had. Raar, want 2016 was eerlijk gezegd helemaal niet zo’n pretje. Blijkbaar was ik er erg goed in geweest jullie te laten geloven dat het dat wel was en dat wil ik niet meer. Daarom vertel ik nu mijn echte 2016 en mijn vooruitzicht voor 2017, hoe eng ik dat ook vind.

Heel lang heb ik geworsteld met van alles en nog wat, maar nooit heb ik iemand dat laten weten. Ik deed van alles om mijn problemen op te lossen zonder mensen lastig te vallen en als dat me teveel werd, deed ik aan zelfbeschadiging. Toen mijn ouders hier eenmaal achter kwamen, namen ze me mee naar een psychiater. Daar werd ik getest op van alles en nog wat en uiteindelijk kreeg ik begin 2016 de diagnose autisme.

De diagnose viel me zwaar, het voelde alsof ik in één keer niet meer normaal was. Hier worstelde ik mee, maar mijn andere problemen gingen ook door. Ik probeerde zo lang mogelijk door te gaan met school, sport, het leven.  Alles bij elkaar werd het voor mij meer overleven dan leven, zonder dat de buitenwereld daar ooit van op de hoogte was. Ik trok het niet langer en maakte mezelf van binnen langzaam kapot.

Na de zomer begon ik aan mijn nieuwe opleiding, een opleiding waar ik vol voor ging en waar ik het heel graag goed wou doen. Ik ging maar door en zette me veel meer in dan eigenlijk nodig. Mijn eerste project werd met een ‘Goed’ beoordeeld, maar ik was compleet overspannen. Ik was kapot, werd depressief en dit nog steeds allemaal zonder dat iemand het wist.

10 oktober 2016 was de zwartste dag van 2016. Ik kon het (over)leven niet meer aan en ik besloot een zelfmoordpoging te doen, het was de moeilijkste keuze van mijn leven, maar ik kon niet meer. Mijn moeder heeft me gevonden, 112 gebeld en gelukkig kreeg ik de juiste hulp.

Nu zit ik thuis met een zware depressie, medicijnen en het vooruitzicht van de eerste 4 maanden van 2017 doorbrengen in een kliniek. Momenteel heb ik nog niet echt een toekomstperspectief, maar ik vertrouw erop dat het goed komt, ik houd moed en voor deze keer komt mijn doorzettingsvermogen ontzettend goed van pas.

Ik vertel dit natuurlijk niet voor niks. Behalve dat ik vind dat jullie recht hebben op de waarheid, wil ik jullie laten zien hoe belangrijk het is om iemand te vertellen over je problemen. Ik ben het levende bewijs van hoe fout het kan gaan als je het voor jezelf houdt. Ik ga knallen in 2017, in die kliniek en ik ga vol voor herstel, ik word beter, hoe dan ook en niemand kan me daarin tegenhouden.

Kelly van Assen

Wij zijn mijn held

Er werd mij gevraagd om een column te schrijven over mijn persoonlijke held. Nu is het zo dat mijn persoonlijke held niet maar één held is, mijn persoonlijke held wordt namelijk gevormd door zo’n 30 mensen. Om je dit uit te leggen moet ik je eerst een verhaal vertellen.

De afgelopen tijd ging het niet zo goed met me en daarom bleef ik een weekje thuis van school. In die week viel er een enorme envelop vol met minstens 30 kaartjes op de mat, daarbij werd ik in de loop van de week overladen met lieve berichtjes. In al die kaartjes en berichtjes werd me op het hart gedrukt dat mijn klasgenoten er voor me waren en dat ze uitkeken naar de dag dat ik weer naar school zou komen.

Inmiddels ben ik terug en op de dag dat ik terugkwam heb ik verteld wat er is gebeurd. Nadat ik mijn verhaal verteld had ging er een applaus door de klas, het applaus dat me liet weten dat ik meer dan welkom was. Weer kreeg ik allemaal lieve berichtjes en reacties.

schermafbeelding-2016-10-28-om-15-09-46

Dit verhaal is precies wat MR16, mijn klas, mijn held maakt. Wij zijn mijn held omdat de manier waarop wij met elkaar omgaan een voorbeeld is voor deze school. Wij zijn mijn held omdat wij de wereld laten zien hoe het ook kan. Wij zijn mijn held, gewoon om wie we samen zijn.

Kelly van Assen

Opdracht: Artikel over een zelfbedacht product

Wat kan de kersthapsel doen tegen de jaarlijkse ergernis?

U kent het probleem vast wel, het is december en Sinterklaas heeft de boot terug weer gepakt. Het is tijd voor de kerstboom, maar bij die kerstboom komt ook altijd de jaarlijkse ergernis kijken. De lampjes, die je vorig jaar nog zo voorzichtig hebt opgeruimd en die er nu uitzien alsof ze met elkaar in burgeroorlog zijn geweest afgelopen zomer. Tom, Jesse, Eva en Kelly, 4 eerstejaars mbo studenten bedachten een revolutionaire oplossing voor dit probleem. De kersthapsel.

De kersthapsel is een uitvinding gebaseerd op de welbekende haspel. In plaats van het verlengsnoer zit er op de haspel nu een snoer met lichtjes. De hapsel zit verpakt in een kerstcadeautje die je gewoon onder de kerstboom kunt zetten, dit zorgt ervoor dat je hem onder de boom kunt zetten zonder dat het opvalt. Aan de achterkant van de verpakking zit een gaatje voor de stekker naar het stopcontact en aan de voorkant komen de lampjes eruit. Na kerst kunt u de lampjes makkelijk weer om de hapsel wikkelen en zo knoopvrij opruimen voor volgende kerst.

Maar wat maakt deze uitvinding nou revolutionair?

U heeft vast en zeker wel iets meegekregen van de zwarte pieten discussie van de laatste jaren. Nu het sinterklaasfeest straks beter afgeschaft kan worden door alle consternatie eromheen, is vooral het idee van een cadeauverpakking enorm interessant. De cijfers laten nu al zien dat er meer kerstversiering wordt verkocht dan drie jaar geleden, voor de discussie. Ook wijst onderzoek uit dat er met kerst inmiddels al meer cadeaus worden verkocht dan met Sinterklaas.

De bijdrage van de Kersthapsel aan deze revolutie is ook niet niks. U kent vast wel alle stress die het kerstfeest met zich meeneemt, dit zorgt voor spanningen binnen de familie en nee mannen, dit ligt niet aan de ongesteldheid van de vrouw. Nu zullen veel van de mannen denken, dat het er zeker wel mee te maken heeft als vrouwen ongesteld zijn. Voor een gedeelte is dit waar, maar voor een gedeelte ook zeker niet. Tijdens de menstruatie zijn vrouwen namelijk niet chagrijnig omdat ze ongesteld zijn, ze zijn chagrijnig omdat ze in deze periode veel gevoeliger zijn voor stress. De kersthapsel kan dit dus voorkomen! Hij zal niet alleen stress bij u of uw vrouw wegnemen, maar hiermee zelfs de banden binnen de familie goed houden. Zie het zo; als Koning Willem Alexander nou een Kersthapsel krijgt, dan neemt dit zoveel stress bij hem weg dat hij tijdens de kersttoespraak eens een boodschap van hoop kan uitgeven die hij wel meent en heel, heel misschien zelfs met een klein glimlachje. Dit beste mensen, zal de hele bevolking gewoon een stuk gelukkiger maken. Hij zal niet alleen laten zien dat hij, de koning, vrolijk kan lachen met kerst. Hij zal ook laten zien, dat wij, de burgers dit kunnen en hiermee iedereen kunnen inspireren. Dit, beste mensen, dit maakt de Kersthapsel tot het revolutionaire product dat kerst weer zal maken zoals het ooit bedoeld is.

Kelly van Assen

De twee die mij liefde leren

Vandaag zijn mijn opa en oma 50 jaar getrouwd. 50 jaar geleden hielden ze zoveel van elkaar dat ze besloten de rest van hun leven te delen. 6 oktober 1966, de dag dat ze ‘Ja’ zeiden, de ja die nu nog steeds elke dag wordt herhaald. Sinds 15 mei 2000 geven opa en oma elke dag een beetje van die ‘ja’ door aan mij. Bij alles wat ik ze zie doen, zie ik iets van die ‘ja’ van toen en de enorme liefde erachter. Bij alles wat ik ze zie doen geniet ik van die enorme liefde.

Ik geniet als ik ze discussie zie voeren over wie de afwas doet.

Ik geniet als ik ’s middags, na school, binnenkom voor een glas limonade en een koek.

Ik geniet als ik ze zie klooien met hun laptop en mobieltjes.

Ik geniet als ik oma hoor vragen “houd je nog een beetje van me?”

Ik geniet als ik wel 100 nachtzoenen krijg, voor het slapengaan.

Ik geniet als ik een briefje op mijn kussen vind met hoeveel ze van me houden.

Ik geniet als ik ze samen, gewoon samen zie zijn.

Ik geniet als ik die twee samen zie, die twee die mij liefde leren. Elke dag een beetje.

img_0006

Ooit hoop ik te zeggen, dat ik dezelfde dag meemaak. Dat ik mijn geluk gevonden heb en 50 jaren later nog steeds even gelukkig ben. Ooit hoop ik dat mee te maken, en zo niet: dan geniet ik van hun geweldige voorbeeld. Hulde aan het bruidspaar, die twee die mij liefde leren. Hulde aan het bruidspaar en het feit dat zij mijn opa en oma zijn!

Kelly van Assen

Geen boze blikken, maar stickers

Vandaag weer een stukje over de trein. Vandaag zat ik in de trein weer lekker mijn boek te lezen tot ik opschrok van ‘de stem’ “Goedemorgen dames en heren, zoals jullie merken staan we stil. Dit zal voorlopig nog wel even zo blijven.” Ik moest lachen, want ik was weer eens zo verdiept in mijn verhaal dat ik het niet eens had gemerkt. Behalve ik moest er niemand lachen in plaats daarvan vloeide de “k*t NS” en de “dit kan toch niet zo” rijkelijk. Zuchtende mensen die gestrest naar hun telefoon grepen. Ik had de neiging om te roepen; “jongens wees blij, geen school!” maar om de lieve vrede te bewaren leek het me verstandig mijn mond te houden. In plaats daarvan pakte ik dus mijn telefoon om de docent te appen dat ik iets later zou komen.

Na een minuut of vijf stonden we buiten, naast de trein die in plaats van verder weer terug zou rijden. Het was eigenlijk best gezellig, ik bedoel zo’n gezamenlijke haat tegen NS schept toch een band. Mensen druk bellend en rokend. Wij in de klassen- app druk aan het appen over of we nog naar school zouden gaan of dat we het voor gezien hielden. Op een gegeven moment werd zelfs het idee geopperd om samen via de spraakmemo te gaan zingen. Ondertussen zag ik in mijn ooghoek een van de conducteurs lopen; bellend, overleggend en hard werkend. Ik bedacht me dat deze minstens 100 reizigers op station ’t Harde (of all places) niet de enige waren die last hadden van deze storing. Wat dacht je van de technische dienst die ongetwijfeld keihard werkten, de conducteurs die alle boze blikken kregen en de machinist die niet normaal zijn werk kon doen.

Met name wil ik het nu hebben over de conducteur die alle boze blikken en scheldende mensen over zich heen kreeg. Ik wil je proberen uit te leggen wat deze man, volgens mij, meemaakt op zo’n moment aan de hand van een voorbeeld over een journalist, ik houd immers van journalistiek.

Stel je voor er is een journalist, we noemen hem even Pieter (vernoemd naar onze, nog niet aanwezige, redactiecactus). Elke dag schrijft hij een column en dat doet hij geweldig, hij doet zijn best en maakt (bijna) nooit taal- en spelfouten. Toch veranderd elke dag de computer zijn goed gespelde woorden in fouten, gewoon door een technische fout. Elke dag ergeren al zijn lezers zich daar dood aan en dat laten ze duidelijk merken. Elke dag krijgt hij dreig- en haattweets terwijl het gewoon een technische fout is.

Dit beeld heb ik een beetje als ik naar de conducteur kijk, en daarom lieve mensen heb ik een GEWELDIG (al zeg ik het zelf) plan. Laten wij massaal naar de Action gaan (helpen we gelijk een beetje mee aan de opbouw van de economie) en een velletje stickers kopen. Elke keer als er dan iets goed gaat bij de NS, of als de conducteur zelf iets goed doet. Delen we massaal stickers uit en geven we complimenten, gewoon om hem een goed gevoel te geven. Zie het als het complimenteren van Pieter voor zijn goede stuk, in plaats van hem afkraken voor de fouten van de spellingscontrole. Zie het als ‘gewoon iets leuks’, in een maatschappij waarin er zo weinig ‘gewoon iets leuks’ meer is.

Bedankt,

Kelly van Assen

En ik glimlach

Vandaag moest ik om 11:15 uur op school zijn, toen ik braaf om 11:00 uur binnen kwam lopen kreeg ik een verbaasde blik van de docent. “Wat doen jullie hier, is er niet doorgegeven dat mijn les niet doorgaat?” Chagrijnig loop ik verder, nu moet ik nog ruim twee uur wachten voor mijn dag wel begint! Dat betekent dat ik *denkt na* 1,2,3,4 ja 4(!) Treinen later kon nemen. Na de twee lessen die waren overgebleven (waar ik overigens niets geleerd heb) achter de rug te hebben, pak ik zuchtend mijn fiets.

Aangekomen op het station stap ik in de trein. Een trein eerder, dat wel. Ik ga zitten en pak mijn boek, al snel ben ik verdiept in het verhaal. Er komt een wat oudere man bij me zitten. “Goedemiddag” zeg ik zo beleefd mogelijk, terwijl ik opkijk van mijn boek en lief glimlach. Hij zegt niets, wat me nog iets meer laat glimlachen. Meestal is het zo dat jongeren geen gedag meer zeggen. Nu niet (hoppa! Plus 10 hemelpunten voor mij). Ik lees verder, maar het duurt niet lang voordat er nog twee wat (veel) oudere mannen bij komen zitten. “Goedemiddag” zeg ik zo beleefd mogelijk, terwijl ik opkijk van mijn boek en lief glimlach. “Hallo” zeggen de vrienden. Ik glimlach.

De trein vertrekt. Ik staar weer in mijn boek. De twee vrienden pakken hun Lumix uit 2008 en richten deze op het raam. Druk overleggen ze over welk type trein er passeert en terwijl de ene man over mij heen hangt om bij het raam te kunnen (een deo’tje kon geen kwaad) verwonderen ze zich over hoe mooi de trein is, deze was overigens gewoon blauw-geel zoals de meeste treinen. Ik glimlach. “Wilt u misschien bij het raam zitten?” vraag ik in de hoop dat hij ja zegt. “Nee” antwoord hij “het gaat wel zo, dank je.” Ik glimlach. Ik voel mijn telefoon trillen, ik kijk op het schermpje en zie een onbekend nummer. Op de foto staat Thomas, ik had niet de moeite genomen zijn nummer in mijn nieuwe telefoon te zetten. “Gezellig bij de ouwe mannen club?” staat er. Ik glimlach als ik zijn grijnzende hoofd tussen de stoelen zie opduiken. “Een groot feest.” Reageer ik glimlachend. De mannen praten door over treinen. Ik staar naar de letters in mijn boek, terwijl ik luister naar hun gesprek en ik glimlach.

“Station Nunspeet” hoor ik de stem. De mannen staan, net als ik, op. De ene man rent bijna naar de deur. En sprint naar de voorkant van de trein, om nog snel een foto te maken van dit mooie, originele, blauw-gele exemplaar. Ik check uit, en jawel: Ik glimlach.

Kelly van Assen

Pagina 1 of 2

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén

De inhoud van deze site is gemaakt door een student van Landstede Zwolle
Copyright © 2017 Landstede Zwolle - Disclaimer & legal